Patroonverklaring
Het patroon wordt gewerkt met een variatie van de Tunesisch uitgebreide steek en omslagen. Voor deze variatie maak je eerst 1 omslag, steek je vervolgens door de verticale lus van de voorgaande rij, haal je de draad door, haal je de draad opnieuw en trek je deze uiteindelijk door 2 lussen op de naald.
Voor het creëren van de vierkante gaten wordt in de opzetrij 1 verticale lus van de voorgaande rij overgeslagen. Hiervoor werk je in de opzetrij voor 1 overgeslagen steek 1 omslag. In de afmaatrij wordt er dan door elke omslag afgemaat.
Voor een gat worden dus 2 omslagen gevormd, daarna steek je in de overvolgende verticale lus. Draad halen, draad opnieuw halen en door 2 lussen op de naald trekken. Er blijft 1 omslag voor de overgeslagen verticale lus op de naald. Om ervoor te zorgen dat de randsteken aan beide zijden identiek eruitzien, werk je de randsteek aan de linkerkant als volgt: steek achter de laatste verticale lus en de daarachter liggende lus door, haal de draad en trek deze door.